Collabassa

In de voorbereiding en in Collabassa zijn de vier grote overgangen een leidraad om de gedachten te ordenen en verder te exploreren. Heel kort samengevat:

  • Leven/dood. De eerste en tevens laatste inwijding. Begin en einde van een levenscyclus. Aan het begin van de cyclus: ben je welkom, is er een plek voor jou? Aan het einde van de cyclus: hoe neem je afscheid? Hoe word je gewaardeerd? Dit gaat natuurlijk over het leven zelf, maar ook over de kleinere cycli , bijvoorbeeld in de loopbaan: beginnen of stoppen met een baan. Was je welkom, ben je gezien, wordt je bijdrage op waarde geschat? Maar ook de cyclus van een relatie. Hoe was de ontmoeting, wat bracht de relatie, hoe neem je afscheid?
  • Jeugd/adolescent. Levenskracht wekt nu het ‘ik’ en de kracht van de seksualiteit. Van kind van ouders word je iemand van jezelf. Zoeken naar grond onder je voeten, grenzen overschrijden op zoek naar die van jezelf. The dark night of the soul. Maar ook je unieke talenten de ruimte mogen geven, mooi mogen zijn. Uitproberen. Hoewel er nog veel kan gebeuren worden hier aanstaande keuzes zichtbaar: opleiding, geaardheid, enz..
  •  Adolescent/volwassene. Van ontvangen naar geven. Wat heb je eigenlijk echt te geven? Je identiteit kiezen. Zorgen voor wat na jou komt. Ook: leiding op je nemen. De periode van grote kracht en bloei. Maar voor wie zet je dat in? Vrouwen krijgen in deze fase vaak hun eerste kind – en daarmee is een deel van de vraag beantwoord: ik ben er voor deze ander. Mannen moeten die keuze meer op sociaal dan op biologisch niveau maken. Vandaar de inwijdingsrites zoals Vision Quest. De jonge man (maar nu ook veel vrouwen) verbindt zich alleen, moederziel alleen, in de natuur met moeder aarde en ‘father sky’, om zijn eigen plek te aanvaarden en werkelijk in te nemen. En getuigt hier bij terugkomst van.
  • Volwassene/oudere. ‘de’ overgang. Lagere toeren, hogere versnelling. Van kracht naar wijsheid. Ook: de latere fase van je loopbaan. Oefenen met loslaten, met niet meer in het centrum staan – terwijl je de expertise nog wel degelijk hebt, en het verlangen ook. Je schoonheid en uitstraling loslaten. Anderen laten stralen. Je illusies over jezelf loslaten – en ontdekken dat daar geen desillusie maar naakte waarheid achter weg komt. Je bent wie je bent, niet veel, niet weinig, niet meer, niet minder dan anderen. Opluchting of verkramping.

Elke echte of virtuele reis kent drie fasen. (1) het gevoel dat er iets gebeuren moet, dat er iets mist, maar je weet niet precies wat. (2) je reis ondernemen, je weg zoeken, ervaringen opdoen, ontmoetingen aangaan, een sleutelbelevenis meemaken. (3) terugkeren en je plek innemen en je verworvenheden een plek geven. Dieper dezelfde zijn, vaak met een andere grondhouding. In de begeleiding krijgt dit ook een plek:

1. Voorgevoel: er moet iets gebeuren. Voorbereiden van de reis, intentie formuleren. Afscheid nemen van het vertrouwde en de beminden. De eerste intakegesprekken, nadenken over waarom je dit wilt, je weerstanden ervaren, met geliefden en belangrijke anderen praten en op enig moment een besluit nemen.

2. Nieuwe ervaringen opdoen, gebied zonder kaart, in duisternis, inwijding, ceremonie, dromen, alleen zijn. Angst ervaren en een plek geven. Herboren worden. De tijd in Collabassa. De eerste dagen rust, wandelen, tot stilstand komen en steeds helderder krijgen welke overgang je wilt markeren. Dan je 24 uur alleen, met je eigen gedachten, plannen en rituelen. En dan je eerste terugkeer de volgende morgen. Ontvangen worden, goed voedsel, je toon zetten voor het vervolg.

3. Incorporeren. Een plek geven, betekenis geven, de nieuwe fase ingaan. Aan wie vertel je het? Hoe ga je om met terugval? De laatste dag in Collabassa. Terug naar de andere werkelijkheid. De drukte van een markt, cadeautjes voor thuis, meedoen in de wereld. Later ook je reis naar huis, je aankomst, je taken en verantwoordelijkheden weer aanpakken – maar ook eventueel van de hand wijzen. Een nieuw begin.